Arnold Ising
Arnold Ising

Arnold Ising

De Haagsche kermis , die langzamerhand wel den weg van andere kermissen volgen en verdwijnen zal , is altijd nog al beroemd geweest. Daar zij de eerste was in de rij der markten , gedurende den loop van het jaar in Holland te houden , brachten de kooplieden er den ganschen voorraad , dien zij voor de achtereen volgende kermissen hadden ingeslagen .

Arnold Ising (van de Isingstraat) beschreef in 1878 de geschiedenis van Den Haag in een 'algemeen leesbaren vorm'. De vier delen behandelen de 14e t/m de 18e eeuw. Dit is een fragment over de kermis die ruim zeshonderd jaar op en rond het Lange Voorhout werd gehouden.

Haagsche schetsen

Uit het journaal van Constantijn Huygens, den zoon van Constanter, weten wij hoe zelfs Willem de Derde, ofschoon nauw twee en halve maand te voren tot Koning van Engeland uitgeroepen, er in zijn paleis te Hamptoncourt naar zuchtte, en uitriep

Het Buitenhof tijdens de Haagse kermis gezien naar de Gevangenpoort, met de stadhouderlijke familie. Dit tafereeltje werd in 1781 vastgelegd door de Haagse schilder Hendrik Pothoven.
Het Buitenhof tijdens de Haagse kermis gezien naar de Gevangenpoort, met de stadhouderlijke familie. Dit tafereeltje werd in 1781 vastgelegd door de Haagse schilder Hendrik Pothoven.
'Het is warm weer. het is nu Haagsche Kermis. O, dat men nu zoo, gelijk een vogel door de lucht, eens kon overvliegen ! Ik gaf er wel honderd duizend gulden, ja tweehonderd duizend gulden voor'. 

Dit gebeurde op Dinsdag den 10den Mei 1689. Toen Huygens het volgende jaar , op Vrijdag 12 mei 1690 , 's avonds naar Kensington gekomen was om er zijn dienst als 's Konings secretaris te vervullen  , begon Willem weer van de Haagsche kermis te praten, en dat dien dag 'de Boevenklok geluid had', en hij sprak er van , zegt Huygens , alsof hij nog graag aan den Haag dacht.

Het eerste wat wij van de Haagsche Kermis vinden , haalden wij reeds vroeger met een woord aan. De vrije markt. jaarlijks op een bepaalden tijd gehouden, wanneer de kerkmis , dat wil zeggen : het jaarlijksche feest van de kerkwijding of van den kerkpatroon, gevierd werd, had in het laatst der 14de eeuw in den Haag in Juli plaats. 

Een kwakzalver aan het werk op het Lange Voorhout rond 1650. De tekening is van Adriaen van de Venne.
Een kwakzalver aan het werk op het Lange Voorhout rond 1650. De tekening is van Adriaen van de Venne.
De Sint Jacobdag valt dan ook op den 25sten dier maand, en op Zondag de 18den dag in juli 1394 was het  kermis. Maar deze werd vervroegd: Graaf Willem de Zesde uit het Beiersche Huis bepaalde, bij privilegie of octrooi van 9 mei 1407 , de kermis van acht dagen in Mei, en voegde er een paardenmarkt aan toe. 

De Voorschotensche en Valkenburger paardenmarkten waren destijds reeds bekend en nu werd elk 'in sine bedrive' uitgenoodigd om 'ten Meyendach' met zijn paarden en andere goederen in den Haag te komen.

Als het kermis was woei van de kapel van den Hove een rood-witte vlag en bij de 'kercmisse' werd was noch spinlicht gespaard. 

In 1647 werd de kermis gehouden op de Prinsegracht, toen nog slechts tot op de hoogte van de Brouwersgracht bebouwd. Daar het lijk van den stadhouder Frederik Hendrik, die op den 10den Maart was overleden, nog  tot den 10den Mei boven aarde stond, wilden de leden van 't prinselijk Huis er gaarne van verschoond blijven, de kermis vlak voor 't Stadhouderskwartier op 't Buitenhof te zien.  

De eigenlijke kermisplaats was toch op Buitenhof, Vijverberg en Voorhout. De Meibomen dan , soms vrij hoge masten , met guirlanden van jonge bladeren versierd, werden op het Binnenhof geplant voor den ingang der vergaderzalen van hun Hoog- en van Hun Groot Mogenden

De Meikermis oftewel Koningskermis op het Lange Voorhout op 27 april 2015.
De Meikermis oftewel Koningskermis op het Lange Voorhout op 27 april 2015.
en evenzoo voor de andere hooge collegien van Staat en voor de andere hooge collegien van Staat en voor de woningen der aanzienlijke staatsdienaren.

Deze Meibomen bleven daar de gansche maand staan. De Haagsche schoonen gingen op de kermis wandelen, en 't is te hopen dat de lieve Meimaand toen minder guur was als ze thans meermalen pleegt te zijn , want de jufferschap was gehuld 'in luchtig kleed', naar de mode van dien tijd, met ontbloten boezem, doch daarentegen gemaskerd en met rijke sieraden opgesmukt.      

De Meikermis op het Lange Voorhout in 1803.
De Meikermis op het Lange Voorhout in 1803.
De Meikermis in 1885 op het Buitenhof. Het standbeeld van koning Willem II werd in 1924 vervangen door het huidige ruiterstandbeeld.
De Meikermis in 1885 op het Buitenhof. Het standbeeld van koning Willem II werd in 1924 vervangen door het huidige ruiterstandbeeld.
De kermis op het Lange Voorhout rond 1975.
De kermis op het Lange Voorhout rond 1975.