> > >
Gerard Keller
Gerard Keller

Gerard Keller

Mijnheer deed zijn slaapje, gedachtig aan het qui dort dîne; Mevrouw ruimde het een en ander op, tot dat ten zes ure het rijtuig voor kwam en de familie naar 't badhuis reed.

Gerard Keller (van de Gerard Kellerstraat) schreef in 1854 zijn novelle De Neteldoekjes. De familie Retelhouck probeert uit alle macht om met weinig geld de schone schijn op te houden. Tegenwoordig noemen we dit kouwe kak. Dit fragment beschrijft een uitje naar het Badhuis, de voorloper van het Kurhaus.

Het was wel niet het fraaiste rijtuig, maar de huurkoetsier, die onlangs wat op rekening had gehad, gaf er een; dat was al veel. Voor 't betalen hoefde men nu vooreerst niet te zorgen.

Welk genot het badhuis voor gezonde menschen oplevert is ons een raadsel; maar genot geeft het zeker, want honderden trekken er elken feest-avond heen.

Rondom de muziek-tent, aan kleine houten tafeltjes, zoo als gij er geen in uwe kinderkamer zoudt willen hebben; op lage houten stoelen, waarvan een der pooten altijd eenige duimen dieper in het zand zakt dan de ander.

Deftige en wannabe deftige dames en heren bij het Badhuis in 1880. Rondom de muziek-tent, aan kleine houten tafeltjes, op lage houten stoelen, waarvan een der pooten altijd eenige duimen dieper in het zand zakt dan de ander. Met den wind, als het goed weêr is, van achter en de zonnestralen juist in het gezigt.
Deftige en wannabe deftige dames en heren bij het Badhuis in 1880. Rondom de muziek-tent, aan kleine houten tafeltjes, op lage houten stoelen, waarvan een der pooten altijd eenige duimen dieper in het zand zakt dan de ander. Met den wind, als het goed weêr is, van achter en de zonnestralen juist in het gezigt.
Met den wind, als het goed weêr is, van achter en de zonnestralen juist in het gezigt, wacht gij geduldig tot de knecht, na de derde bestelling, het theeservies brengt, en daarna het theewater - als er een ketel beschikbaar is.

Dan, als de thee is afgetrokken en de zeewind te koud wordt, raken de tafeltjes verlaten; de overjassen en shawls, die tot dus verre schrikkelijk veel last veroorzaakten, worden in dienst gesteld.

En op het terras ziet men nu de aanzienlijke bezoekers heen en weder wandelen, tot dat de een na den ander aftrekt, en eenige Scheveningers de overblijfselen van den ‘genotvollen’ avond opruimen.

Als dan de nachtwind opsteekt, en het uitspansel met millioenen sterren schittert, en de bruisende zee niet meer overstemd wordt door klarinet en trom, en de maan haar schijnsel op de zilveren golven en de verlaten duinen werpt - dán is het schoon aan het badhuis!

In 1884 werd het badhuis afgebroken om plaats te maken voor het nieuwe Kurhaus.
In 1884 werd het badhuis afgebroken om plaats te maken voor het nieuwe Kurhaus.
De Retelhoucken waren van een tegenovergesteld gevoelen en bragten er den namiddag door. Zij zagen en werden gezien. Deze en gene sprak hen aan, en zij dronken met volle teugen de slappe thee en het denkbeeldige genot.  

Het was reeds vrij laat eer de Retelhoucken van de wandeling te huis kwamen, want zij waren te voet teruggekeerd.

.

Cultuur

Tijdperken

Wijken

Ga naar boven