Kitty de Josselin de Jong
Kitty de Josselin de Jong

Kitty de Josselin de Jong

Den Haag 1943

De wind waait aan door de verlaten straten,
en zoekt en vindt de oude huizen niet, -
en zoekt en vindt slechts steenkoude gelaten,
starend in ziel-beklemmend stom verdriet.

Waar mensen woonden staan geschonden muren,
en zwarte gaten blakeren de grond, -
hoe lang, o God, moet deze schennis duren
waarvoor ons murwe hart geen woorden vond?

Waar mensen woonden zwerven brokken stenen,
en scherven kaatsen duizendvoud het licht, -
waarom, o God, zijt gij hun niet verschenen
die voor een duivels drijven zijn gezwicht?

Waar mensen woonden liggen roest en palen,
en klimop-arabesk rankt langs het puin, -
zal nu, o God, elk mensenpaar weer dwalen,
onwaardig uw aanvankelijke Tuin?

De wind waait aan door de verlaten straten,
en zoekt en vindt niet waar de stad begon...
en zoekt en vindt slechts maskers van gelaten,
en dodenakkers tot de horizon...

.

Cultuur

Tijdperken

Wijken

Ga naar boven