>

Cultuur

Lees meer: Gerard Keller
Gerard Keller

Gerard Keller

Mijnheer deed zijn slaapje, gedachtig aan het qui dort dîne; Mevrouw ruimde het een en ander op, tot dat ten zes ure het rijtuig voor kwam en de familie naar 't badhuis reed.

Adriaan Bogaers (1795-1870)

De roem van 's-Gravenhage (18e eeuw)

's-Gravenhage, 't hof der hoven,
Willems wiege en bakermat,
met geen penne of tong te loven,
wijkt in heerlijkheid geen stad;

Anoniem

De Scheveningseweg (18e eeuw)

O 's-Gravenhage groot en schoon,
plesant en welgelegen,
gij spant ver boven al de kroon
door uw lommerrijke wegen.
Geen bos als 't uwe is zo plesant
in gans Verenigd Nederland.
Ook lust mij schoon te zingen
de weg van Scheveningen.

Lees meer: Clara Eggink
Clara Eggink

Clara Eggink

De Schilder aan de Maanweg

De lange weg die Maanweg heet,
ligt waar de stad raakt afgebroken.
Nog een fabriek, een veld, een keet,
dan volgen daar de groene stroken
der landen, bomen, wijd en zijd.

Lees meer: Jan ten Brink
Jan ten Brink

Jan ten Brink

De zomerzon fonkelt en weerkaatst met verblindend schitterlicht op de ruiten van de aanzienlijke huizen in de residentie. Zij straalt een regen van gouden vonken uit over elk voorwerp, dat zij ontmoet: over den rug van den Zwijger op het Plein, over de toppen der boomen aan den Vijverberg,

Lees meer: Michel van der Plas
Michel van der Plas

Michel van der Plas

De zomertram

Daar komt hij, zwaar van ouderdom,
statig en traag het hoekje om
van dromen en herinneringen;
hij belt: hij ziet me heus wel staan, 
zijn open wagen achteraan,
de zomertram naar Scheveningen. 

Lees meer: Paul Rodenko
Paul Rodenko

Paul Rodenko

Den Haag (1956)

Den Haag: stad van aluinen winden en pleinen.
Winden als pleinen zo wijd.
Pleinen rustig als de grote handpalm
van de grote openheid.
Reigerlijk zijn er de vrouwen, lang en toch lieflijk;

Lees meer: Remco Campert
Remco Campert

Remco Campert

Den Haag (1962)

Overal bevuilde daken
groen koper van kerken
brakke lucht: uitgebeten huizen
afgegraasd grasland verwaarloosde zee.
O en de trieste trage gele trams

Lees meer: Kitty de Josselin de Jong
Kitty de Josselin de Jong

Kitty de Josselin de Jong

Den Haag 1943

De wind waait aan door de verlaten straten,
en zoekt en vindt de oude huizen niet, -
en zoekt en vindt slechts steenkoude gelaten,
starend in ziel-beklemmend stom verdriet.

Lees meer: Paul van Vliet
Paul van Vliet

Paul van Vliet

Wij hebben in Den Haag zo bedroevend weinig dingen 

Waarvan je mooi gevoelig en echt lekker kan staan zingen 
Want wij werden nooit belegerd of verwoest in vroeger dagen
En behalve in de Kamers is hier niemand ooit verslagen 

Ga naar boven