Artikelindex

In de 17e eeuw droegen Kerkelijke en semi-overheidsinstellingen op beperkte schaal zorg voor armen, zieken en bejaarden. Wie arm was, moest het eigenlijk hebben van goedgeefse particulieren. Een beproefde manier om blijvend goed werk te doen, was het stichten van een hofje.

Hofjes zijn levende musea en oases van rust. In 1955-1960 en 1989-1997 is er veel gerestaureerd en gerenoveerd. Het hofje ziet er tip-top uit.
Hofjes zijn levende musea en oases van rust. In 1955-1960 en 1989-1997 is er veel gerestaureerd en gerenoveerd. Het hofje ziet er tip-top uit.

Geschiedenis

In het centrum van Den Haag ligt aan de westzijde van de Lange Beestenmarkt (nummer 49 t/m 85) het Hof Van Wouw. Dit hofje werd in 1647 gesticht door Cornelia van Wouw met als doel de huisvesting van alleenstaande vrouwen. Deze Cornelia zette voor 25.000 gulden aan rente-brieven en obligaties opzij die er voor moesten zorgen dat in de jaren na haar dood haar naam zou voortleven in het hofje.

Ouwe vrijsters

Het Hof Van Wouw beschikt over 17 huisjes waaronder het regentenhuis en het beheerderhuis, geschikt voor eenpersoonshuishoudens. In de 17e eeuw werden alleen díe vrouwen toegelaten die openlijk en aantoonbaar de ware gereformeerde godsdienst aanhingen. Alle andere gelovigen werden geweigerd. Naast gratis bewoning ontving iedere oude vrouw of vrijster iedere maand een bedrag van drie gulden én  ieder jaar 15 tonnen turf. Als tegenprestatie werden alle persoonlijke bezittingen na het overlijden eigendom van de beheerder van het Hofje. 

Heden

De huisjes zijn vriendelijk, met hun in helderrode baksteen opgetrokken gevels en hun kruiskozijnen met kleine ruitjes en luiken aan weerszijden. Uiterlijk zijn de huisjes grotendeels 17e-eeuws gebleven, binnenshuis hebben zich in de loop van de tijd wel enige veranderingen voltrokken.

Het Hofje van Wouw in 1735. Deze tekening komt uit het beroemde geschiedenisboek van Jacob de Riemer getiteld: Beschrijving van 's-Graven-hage.
Het Hofje van Wouw in 1735. Deze tekening komt uit het beroemde geschiedenisboek van Jacob de Riemer getiteld: Beschrijving van 's-Graven-hage.
Zo hebben de huisjes sinds 1904 sanitaire voorzieningen. Daarvoor waren er twee hokken in de tuin, welke dienst deden als toiletruimte. In dat jaar zijn de huisjes aangesloten op het gemeentelijk riool en werden de toiletten tegen de huisjes aangebouwd, in de jaren vijftig werden deze aanbouwsels afgebroken, en de sanitaire voorzieningen in de woningen aangebracht.

De huidige opslagruimte in de huisjes is gemaakt in het voormalige turfhok. De kitchenette kwam in de plaats van de bedstede. De voorheen ongebruikte zolder werd slaapkamer en doucheruimte. Het regentenhuis (waar Cornelia tot 1671 zelf woonde) en het beheerderhuis bevinden zich aan weerszijden van de toegangspoort aan de Lange Beestenmarkt en zijn bij de tweede restauratie in hun oorspronkelijke vorm gerestaureerd, evenals - iets later - de toegangspoort.

Een plaquette aan de buitenkant van de poort vermeldt: Hof van Wouw en het jaartal 1647. (Het Haagse kadaster geeft echter aan dat de eerste panden in 1616 gebouwd werden). Daarboven is de vrolijk gekleurde zwaan te zien. De zwaan heeft een gouden bandje om zijn nek als teken dat de familie het recht had om zwanen te houden. Blikvanger is de pomp in het midden van de tuin die ook gesierd is met de zwaan. 

Het Hofje van Wouw in 1930.
Het Hofje van Wouw in 1930.
De regentenkamer op de begane grond is nog in de zeventiende eeuwse staat. Het plafond bestaat uit originele moer- en kinderbinten en de wand waarachter zich de trap naar boven bevindt, is bekleed met houten panelen. Boven de schouw hangt een portret van de hand van de Haagse schilder Adriaen Hanneman (1601-1671). Het schilderij toont Cornelia aan een schrijftafel.

De tuin

In de 17e eeuw was het Aurantium populair. Dit was een tuin waar citrusbomen groeiden. De tuin werd in de jaren vijftig heringericht naar 17e eeuws voorbeeld. De tuinarchitect Polak Daniëls maakte het huidige ontwerp. Na de tweede restauratie in de jaren negentig van de vorige eeuw werd dit ontwerp uitgebreid en aangevuld. Door een smal gangetje tussen de huisjes aan de achterzijde komt men in een tweede tuin, die nu de Tuin der Hesperiden wordt genoemd. De

Rondom de in 1959 gerestaureerde pomp staan, in opdracht van Cornelia van Wouw, al eeuwen lang vier fruitbomen.
Rondom de in 1959 gerestaureerde pomp staan, in opdracht van Cornelia van Wouw, al eeuwen lang vier fruitbomen.
naam van de tuin is ontleend aan figuren uit de Griekse mythologie. Het zijn zeven nimfen, die in het land Hesperia de Boom met de Gouden Appels bewaken. In hun tuin stond de levensboom waaraan gouden appels groeiden die de eeuwige jeugd schonken. De goudkleurige sinaasappels in de tuin verwijzen naar deze mythologische appels.

Cornelia

Cornelia van Wouw (geboren 21 januari 1600) was een ongehuwde telg uit een Haags regentengeslacht. Cornelia's grootvader, Jacobus van Wouw, was burgemeester van Den Haag en veel van haar familieleden bekleedden  allerlei bestuursfuncties in de stad.

Legende

Volgende de legende werd Cornelia op haar 45e ernstig ziek en verloor daarbij het bewustzijn. Feitelijk hadden chirurgijns haar dood al vastgesteld, maar vlak vóór de begrafenis zou dienstbode Elsje Ariëns haar meesteres weer tot leven hebben gebracht. Als dank stichtte Cornelia twee jaar later een tehuis voor weduwen en vrijsters. Bij haar dood (25 september 1681) bepaalde de stichteres dat de nakomelingen van haar broers en zuster de Hof zouden moeten besturen, iets dat tot op heden in ere wordt gehouden. 

Heden

Tot op heden worden de bewoonsters nog gekozen aan de hand van de regels uit het testament van Cornelia van Wouw. Het College van Regenten wordt tegenwoordig gevormd door twee regentessen en een regent. Zij worden bijgestaan door twee toeziend regenten waarvan er één de notaris van de stichting is. Nog ieder jaar wordt de verjaardag van de stichteres gevierd met een feestmaaltijd ('menu Cornelia') en in 1997 was de viering van het 350-jarig bestaan van het hofje.

De broer

Cornelia's broer, Johan Surendael van Wouw, wilde niet achterblijven en liet zijn broer de Ridder Bartholomeus van Wouw twee jaar later, in 1649, een hofje pal naast dat van zijn zus stichten (tegenwoordig Lange Beestenmarkt 21 t/m 47). Hij had alleen minder te besteden en het hof van de Ridder Van Wouw bestond daarom uit slechts twee huisjes.

In 1733 werd dit hofje in twee gedeelten aan de Lutherse kerk verkocht en werden er tien huisjes bij gebouwd. De opbrengst ging naar de regenten van Cornelia. Rond 1880  werd dit Lutherse diaconiehofje verkocht aan de regenten van het Hofje Floris Van Dam, wiens hofje in de Juffrouw Idastraat moest worden afgebroken. De nieuwe eigenaren lieten het complete hof van Bartholomeus afbreken. Daarna werd een nieuwbouw hofje gerealiseerd onder de naam Hof Van Dam. In 1908 werden er nog drie panden bijgebouwd. De gevelsteen boven de poort van dat hofje geeft het jaar 1606 aan, het stichtingsjaar van het oorspronkelijke, afgebroken, hofje in de Juffrouw Idastraat

Het Hof van Wouw in 1975.
Het Hof van Wouw in 1975.
De restauratie van het hofje begin jaren zestig.
De restauratie van het hofje begin jaren zestig.
Links piekt het kerkje Onder den Bogen boven de daken uit. Deze kapel staat op de Prinsegracht.
Links piekt het kerkje Onder den Bogen boven de daken uit. Deze kapel staat op de Prinsegracht.
Op de achtergrond de Lange Beestenmarkt 62. Dit huisnummerbordje zit al tientallen jaren onder de ramen van de tweede etage.
Op de achtergrond de Lange Beestenmarkt 62. Dit huisnummerbordje zit al tientallen jaren onder de ramen van de tweede etage.
Het Hofje van Wouw wordt nog steeds bewoond door bewoners waar het hofje van origine voor bestemd was, namelijk oude vrijsters.
Het Hofje van Wouw wordt nog steeds bewoond door bewoners waar het hofje van origine voor bestemd was, namelijk oude vrijsters.

.

Cultuur

Tijdperken

Wijken

Ga naar boven