Anoniem

De Scheveningseweg (18e eeuw)

O 's-Gravenhage groot en schoon,
plesant en welgelegen,
gij spant ver boven al de kroon
door uw lommerrijke wegen.
Geen bos als 't uwe is zo plesant
in gans Verenigd Nederland.
Ook lust mij schoon te zingen
de weg van Scheveningen.

En gij o Scheveningse weg,
waar zijt gij bij te verg'lijken?
Als bij uzelf is het gezeg
van hen die u bekijken.
De brave hofstad van Zorgvliet
en al het schoon dat men daar ziet,
kan met geen mensentongen
naar waarde zijn bezongen.

Zo sierlijk en zo net beplant
met allerhande bomen
van 's-Gravenhage tot aan het strand
der noorder pekelstromen.
Een weg van wiens vermaaklijkheid
nooit genoeg kan zijn gezeid.
Wat schoons men kan bedenken
zult gij de ogen schenken.

Langs deze weg die elk bekoort
ziet men de vissers dragen
zeevis van allerhande soort
die ieder kan behagen,
zo vers en goed uit zee gehaald,
waarvoor men maar klein geld betaalt,
ook menigte van knijnen
bij koppels en dozijnen.

.

Cultuur

Tijdperken

Wijken

Ga naar boven