Liedjes en gedichten

W.J. van der Molen

's-Gravenhage (1984)

De hele dag hetzelfde beeld voor ogen,
de huizen zonnend op een klein terras,
pleinen als damstenen dooreen geschoven,
bomen voor anker in het ondiep gras.

Lees meer: Constantijn Huygens
Constantijn Huygens

Constantijn Huygens  

’s-Gravenhage (1624)

Het hele land in 't klein, de wage van de staat,
de schave van de jeugd, de schole van de daad,
het dorp der dorpen geen, waar iedre stee een pad is,
maar dorp der steden, waar iedre straat een stad is,

Lees meer: Jan Campert
Jan Campert

Jan Campert

Adieu

De zomer is al haast voorbij,
adieu, mijn lief verloren...
de wind jaagt achter wolken aan,
adieu, mijn uitverkoren... 

Lees meer: Wieteke van Dort
Wieteke van Dort

Willem Wilmink (samen met Wieteke van Dort) 

Arm Den Haag

Arm Den Haag, dat is toch erg, dat jij maar niet vergeten kan
de klank van krontjong en van gamelan.

Wij kunnen hier heus wel Indische koekjes kopen: heerlijk…In het Indisch restaurant gonst het gesprek van alle kant:
tempo doeloe, tempo doeloe in dat verre, verre land.

Jan van der Does

Bij een afbeelding van 's-Gravenhage (rond 1600)

Hier ziet gij in het klein 't juweel van Nederland,
Den Haag, de woonplaats en 't verblijf van d'oude
graven,
die voor vierhonderd jaar het Hof van ’s-Gravensand
hier brachten en haar volk hier recht en wetten
gaven.

Adriaan Bogaers (1795-1870)

De roem van 's-Gravenhage (18e eeuw)

's-Gravenhage, 't hof der hoven,
Willems wiege en bakermat,
met geen penne of tong te loven,
wijkt in heerlijkheid geen stad;

Anoniem

De Scheveningseweg (18e eeuw)

O 's-Gravenhage groot en schoon,
plesant en welgelegen,
gij spant ver boven al de kroon
door uw lommerrijke wegen.
Geen bos als 't uwe is zo plesant
in gans Verenigd Nederland.
Ook lust mij schoon te zingen
de weg van Scheveningen.

Lees meer: Clara Eggink
Clara Eggink

Clara Eggink

De Schilder aan de Maanweg

De lange weg die Maanweg heet,
ligt waar de stad raakt afgebroken.
Nog een fabriek, een veld, een keet,
dan volgen daar de groene stroken
der landen, bomen, wijd en zijd.

Lees meer: Michel van der Plas
Michel van der Plas

Michel van der Plas

De zomertram

Daar komt hij, zwaar van ouderdom,
statig en traag het hoekje om
van dromen en herinneringen;
hij belt: hij ziet me heus wel staan, 
zijn open wagen achteraan,
de zomertram naar Scheveningen. 

Lees meer: Paul Rodenko
Paul Rodenko

Paul Rodenko

Den Haag (1956)

Den Haag: stad van aluinen winden en pleinen.
Winden als pleinen zo wijd.
Pleinen rustig als de grote handpalm
van de grote openheid.
Reigerlijk zijn er de vrouwen, lang en toch lieflijk;

Remco Campert

Den Haag (1962)

Overal bevuilde daken
groen koper van kerken
brakke lucht: uitgebeten huizen
afgegraasd grasland verwaarloosde zee.
O en de trieste trage gele trams
en het kippevel van de verwaaide straten...
heel Den Haag was een Panorama Mesdag
elke dag een verregende koninginnedag.

Mijn grootvader, ongeschoren,
dwaalde als Strindberg door het huis
gevangen in zijn eigen kamerjas.

En zo speelziek en verlegen als ik was,
met mijn kleine rubberdolk
beheerste dolleman
pleegde ik sluipmoord op een schemerlamp
of, op zolder, het oude lila kussen.

Lees meer: Kitty de Josselin de Jong
Kitty de Josselin de Jong

Kitty de Josselin de Jong

Den Haag 1943

De wind waait aan door de verlaten straten,
en zoekt en vindt de oude huizen niet, -
en zoekt en vindt slechts steenkoude gelaten,
starend in ziel-beklemmend stom verdriet.

Lees meer: Paul van Vliet
Paul van Vliet

Paul van Vliet

Den Haag, met je lege paleizen (1967)

Wij hebben in Den Haag zo bedroevend weinig dingen 
Waarvan je mooi gevoelig en echt lekker kan staan zingen 
Want wij werden nooit belegerd of verwoest in vroeger dagen
En behalve in de Kamers is hier niemand ooit verslagen 

Lees meer: Martin Veltman
Martin Veltman

Martin Veltman

Denneweg (1988)

Als in een film ligt alles overhoop:
de regisseur verstrikt in de montage.
Ik zou niet weten waarom ik hier loop.
Er liggen boeken in de uitverkoop.
De dichters snikken in de etalage. 

Lees meer: Han G. Hoekstra
Han G. Hoekstra

Han G. Hoekstra

Een lied voor 's-Gravenhage (1933)

Ook wie - verliefd op Amsterdam
en zo verliefd als ik -
van 's-Gravenhage afscheid nam,
bekent elk ogenblik
dat hij haar nooit geheel ontkwam
en nooit geheel ontkomen kon
omdat de wereld daar begon.

Lees meer: Gerrit Achterberg
Gerrit Achterberg

Gerrit Achterberg

Galeries Modernes (1953)

De diepten van de warenhuizen in
ben ik op weg gegaan om u te vinden.
Ik laat mij door de menigte opwinden
tot zachte haast en voetenschuifelen.

.

Ga naar boven